gaswisseling en sapstroom  (theorie - theorie met verwerkingsopdrachten) |

organen, weefsels en cellen

Onder invloed van zonlicht vindt in planten fotosynthese plaats. Bij fotosynthese wordt uit koolstofdioxide ( CO2 ) en water ( H2O ) glucose ( C6H12O6 ) en zuurstof ( O2 ) gevormd.

fotosynthese


Fotosynthese vindt in groene delen van plantaardige organismen plaats. Fotosynthese komt ook voor bij enkele bacteriën, eencellige dieren en schimmels. Deze organismen bevatten chlorofyl, net als planten. Chlorofyl is een pigment dat zich bij de meeste planten in chloroplasten of bladgroenkorrels bevindt.

bladdoorsnede (links) en een choroplast (rechts)


Bladeren zijn opgebouwd uit een epidermis en parenchym. De epidermis bevindt zich aan de boven- en onderzijde van het blad en is één cellaag dik. In de epidermis bevinden zich huidmondjes. Met uitzondering van de cellen in huidmondjes bevinden zich in de cellen van de epidermis geen chloroplasten. Tussen de epidermis aan de bovenzijde van het blad en de epidermis aan de onderzijde van het blad, bevindt zich bladmoes. Bladmoes bestaat uit parenchymcellen. Bij hogere planten wordt palissadeparenchym en sponsparenchym onderscheiden. Parenchym wordt ook wel steunweefsel genoemd.

Een plant is een organisme. Complexe organismen zijn opgebouwd uit organen en weefsels. Organen zijn delen van een organisme met een of meer specifieke functies. Een weefsel is een groep cellen met dezelfde vorm en functie. In cellen bevinden zich celorganellen. Celorganellen hebben bepaalde taken binnen een cel.

1.1
1pntPalissadeparenchym is een weefsel.
  • [ juist ] [ onjuist ]
1.2
1pntChloroplasten zijn weefsels.
  • [ juist ] [ onjuist ]
1.3
1pntEen blad is een orgaan.
  • [ juist ] [ onjuist ]

persoonlijke score

history

advertentie

advertentie

© 2018 Leon Dahmen biodoen Den Haag