hart, bloedsomloop en uitscheidingsorganen  (theorie - oefentoets)| bovenbouw h v |

bloedsomloop

bloedvaten in een menselijke torso
5.1
5pntbloedvaten
  • bloedvat(en) [ 1 ] [ 2 ] [ 3 ] [ 4 ] [ 5 ] [ 6 ] behoort of behoren tot de kleine bloedsomloop
  • in bloedvat [ 3 ] [ 6 ] is de bloeddruk het hoogst
  • met nummer(s) [ 1 ] [ 2 ] [ 7 ] [ 10 ] is de holle ader aangegeven
5.2
3pntNummers 8, 9 en 11 in de bovenstaande afbeelding geven achtereenvolgens een nierader, een nierslagader en een urineleider aan.
  • op plek [ 8 ] [ 9 ] [ 11 ] is de osmotische waarde het hoogst
  • op plek [ 8 ] [ 9 ] [ 11 ] is het glucosegehalte het laagst
  • op plek [ 8 ] [ 9 ] [ 11 ] is het ureumgehalte het laagst
5.3
5pntNummers 12, 13 en 14 in de bovenstaande afbeelding geven achtereenvolgens een lymfeknoop, een lymfevat en een beenader aan
  • op plek(ken) [ 12 ] [ 13 ] [ 14 ] bevinden zich kleppen
  • op plek(ken) [ 12 ] [ 13 ] [ 14 ] bevinden zich witte bloedcellen

persoonlijke score

history

advertentie

advertentie

© 2019 Leon Dahmen biodoen Den Haag