concentraties, celorganellen en passief en actief transport  (theorie - oefentoets)| bovenbouw h v |

concentratie

1.1
1pntIemand moet 25 gram keukenzoutoplossing maken van 4%. Hoeveel gram keukenzout heeft deze persoon nodig?
  • 4 gram
  • 25 gram
  • 6.25 gram
  • 1 gram
1.2
1pntgassen
  • Bij gassen wordt het begrip [ concentratie ] [ druk ] gebruikt om de hoeveelheid gasmoleculen op een bepaalde plek aan te geven
1.3
2pntWelke stoffen worden met behulp van diffusie door het celmembraan getransporteerd?

  • [ stoffen die in vet oplosbaar zijn ]
    [ stoffen die in water oplosbaar zijn ]
    [ stoffen die gasvormig zijn ]
1.4
1pntDe diffusiesnelheid van zuurstofmoleculen (O2) van een bepaalde ruimte naar een andere ruimte is afhankelijk van het pO2 verschil. Dit verschil wordt uitgedrukt in kilopascal (kPa).
  • [ juist ] [ onjuist ]
1.5
1pntWanneer kunnen er door diffusie stoffen vanuit weefselvloeistof door het celmembraan in het cytoplasma van de cel terechtkomen?
  • als er sprake is van transport door transportenzymen
  • als er sprake is van een concentratieverval
  • als er sprake is van actief transport

persoonlijke score

history

advertentie

advertentie

© 2018 Leon Dahmen biodoen Den Haag